Waarschuwing!

De website functioneert niet naar behoren in de browsers Internet Explorer 6 of lager. Om de website naar behoren te kunnen bekijken is een nieuwe browser nodig, zoals Internet Explorer 7.0 of Mozilla Firefox. Druk op 1 van de onderstaande iconen om een geschikte browser te downloaden.
Spreadfirefox Affiliate Button    

In het Limburgs

Publicaties

Muziek

Radio & TV

Geluidsdatabank

Over het Limburgs

Limburgse Streektaal

Educatie

Kenmerkende uitspraak

Eerste hulp bij het spreken

Limburgs schrijven

Publicaties

Kenmerkende uitspraak

Je hoort iemand uit Limburg praten. Waar zou hij of zij vandaan komen? Het soort Limburgs dat men spreekt, kan daar veel over verraden.


Wees Sherlock Holmes met het Limburgs

Je hoort een Limburger of een Limburgse praten. Waar zou hij of zij vandaan komen? Dat zou je wel willen weten. Het soort Limburgs dat men spreekt, kan daar veel over verraden.

  • De uitspraak in het Limburgs van het woord 'dat' geeft goede aanwijzingen:
    Zegt ieman 'det' of 'deh', dan is het iemand uit Midden- of Noord-Limburg.
    Zegt iemand 'dat', dan is het iemand uit Zuid-Limburg onder Susteren.

  • Let ook op de woorden: been, eigen, een, ook, boom
    Zegt iemand: been, ege, een, ooch, boom
    en niet: bein, eige, ein, ouch, boum
    dan is dat iemand die afkomstig is uit Limburg ten oosten van de lijn Koningsbosch-Noorbeek.
    In Koningsbosch gebruiken ze ook: been, ege, een, ooch, boom
    Het gehucht Spaanshuisken heet daar Oppe Boom.

  • Gebruikt iemand een j- aan het begin van een woord, waar anderen een g- gebruiken, dan is dat iemand uit Kerkrade, Bocholtz, Vaals of Lemiers.
  • Zegt iemand 'ald' en 'halde' in plaats van 'oud' en 'houden': dan is dat iemand van boven de lijn Tegelen Meijel. 
  • Zegt iemand 'gere' en geen 'gaer' (in het Nederlands 'graag'): dan is dat iemand uit Maastricht.
  • Zegt iemand 'hebbe' in plaats van het Nederlands 'hebben': dan is dat iemand uit Vlodrop. 
  • Zegt iemand 'gäötje' en geen 'gaetje' (in het Nederlands 'gaatje'): dan is dat iemand uit Montfort.
  • Zegt iemand 'gewaesj' en geen 'gewaes' (in het Nederlands 'geweest): dan is dat iemand uit Maasbracht of Linne. 
  • Zegt iemand 'väöre veurdeur' en niet 'väöre väördäör' of 'veure veurdeur': dan is dat iemand uit Sint Joost.


Woorden die ook veel zeggen over waar iemand vandaan komt, zijn de vormen die worden gebruikt voor het Nederlandse wij, jullie, zij (meervoud) en ons. Ook het woordje 'niet' in het Limburgs zegt veel, net als de woorden voor oud, zout en koud. Zoek dat maar eens uit!


 
 
Colofon